Doorgaan naar hoofdcontent

Neem ik Spanje als besluit….

 

De zomervakantie begint weer gescheiden. 

De mannen gaan samen met een vriend vast een week vooruit, terwijl moeder nog even doorwerkt. Het vertrek gaat moeizaam. Het regent bij het inpakken, de camper wil niet starten, want de auto accu doet al een tijdje lastig. En als hij het eindelijk doet is ‘de hol’ (Krimpens voor oprit naar de dijk) zo glad dat hij niet boven komt maar als sluipend en glijdend terugzakt richting de schuur. Uiteindelijk lukt het om met flinke kracht boven te komen en daar gaan ze dan…






De mannen stomen stevig door en nestelen zich op maandag op camping Pomport Beach in de Dordogne. Het is bij hen eindelijk zomer (hier nog niet) en ze genieten van het niks doen, zwemmen en de animatie.

Op zaterdag voeren we de grote wisseltruc uit. De vriend vliegt terug naar Nederland vanaf Bergerac en  ik ga in mijn eentje met de trein naar Arcachon, waar ze mij weer op pikken. Dit vergt nogal wat coördinatie en het loopt nog bijna in de soep. Op vrijdag is er een wereldwijde computer storing waardoor het even de vraag is of de vriend wel kan vliegen. De accu van de camper heeft het nu echt begeven dus die moet op zaterdagochtend nog snel vervangen worden. Gelukkig zit er heel wat speelruimte in het schema dus uiteindelijk halen ze het allemaal wel. 

Intussen ben ik in mijn eentje op avontuur in Parijs. Het is niet de beste dag ervoor. Bloedheet en de halve stad is afgezet vanwege de komende Olympische Spelen. Het huren van een Velib fiets mislukt, dus ik ga lopen van Gare du Nord naar Gare Montparnasse. Een flink eind, waarbij ik nog even door een wat mindere buurt kom en Daniël aan de telefoon aan de praat hou, omdat ik me erg onveilig voel. Maar al gauw ben ik weer in toeristische straten en veilige drukte. 

Na 7 km zweten ben ik ruim op tijd bij mijn supersnelle trein naar Bordeaux waar ik overstap op een boemeltje naar Arcachon. En precies op tijd sluit ik mijn mannen weer in de armen. Nu begint de vakantie echt!

Ik heb wel de regen uit Nederland meegesjouwd , dus we krijgen 's avonds gelijk een flinke plensbui over ons heen. We staan op camping Routes du Monde , vlak aan het Bassin d’Arcachon. Heel rustig, plek zat en simpel maar prima sanitair en ruime plaatsen. 

De volgende ochtend trekken we verder zuidwaarts. Het regent nog een beetje, dus we gaan eerst naar de markt in Arcachon. Helaas hebben we onderweg enorme pech. Onder de camper zit een lade waarin we wat klein los spul bewaren. Tijdens het rijden in een file in een dorpje schiet de lade ineens uit zijn vergrendeling en komt naar buiten. Voordat we merken wat er aan de hand is, hangt hij er al zo ver uit dat hij achter de wielkast van een geparkeerde auto blijft hangen en de hele bumper daarvan losscheurt. Wat een ramp! 

Gelukkig komt de eigenaresse er gelijk aan lopen. Gelukkig dient ze ook nog eens goed Engels.  We zijn allemaal ontzettend geschrokken. Omdat we de weg weg blokkeren, besluiten we om naar haar huis te gaan om het papierwerk te regelen. De lade ligt op de grond en die proppen we in onze garage. De bumper snoeren we met een spanband weer vast aan haar auto. 

We vullen het schadeformulier in en bieden uitgebreid onze excuses aan. We hopen dat de verzekeringen dit onderling goed zullen regelen. Voor hen is het de enige auto, dus ik hoop dat ze een vervangende auto krijgen zolang het nodig is. 


Een beetje bedrukt vervolgen we na een paar uur onze weg. We gaan toch maar even naar Arcachon, maar de markt is al afgelopen en het waait en regent nog steeds. Wat een stomme dag…



Na de markt rijden we langs de Dune du Pilat. Inmiddels is het wat droger dus we besluiten dit toch ook te gaan bezoeken. Je kunt er parkeren en dan in een grote mensenmassa de 110 meter hoge duin op klimmen. Het is best zwaar, dit is wel even wat anders dan Schoorl! Maar het uitzicht bovenop is de moeite waard. Jonathan rent er zelfs af en klimt dan weer omhoog om daar nog een keer te doen… en nog een keer zelfs! Wat een held. 

Hierna zijn we wel weer wat opgevrolijkt en we rijden door naar Mimizan-Plage. Hier zit een camperplek van Camping Carpark. Dat is een keten van camperplekken die voornamelijk in Frankrijk zit. Met een betaald abonnement kun je ook een plek reserveren. En hoe zeer we dat ook haten, toch heb ik het gedaan, omdat we per se naar dit dorpje wilden en de campings allemaal al vol zaten. Nu weten we tenminste zeker dat we niet voor niets hierheen rijden. We willen namelijk graag naar het strand en je mag hier vrijwel nergens met je camper op de normale parkeerplaatsen aan de stranden parkeren. Ook niet overdag, er zitten overal hoogtebalken. Zo irritant! Dus dan moet je wel ergens overnachten en vandaaruit lopend naar het strand kunnen, want wij hebben ook niet voor iedereen fietsen aan boord. 

We vinden er een plekje, het is allemaal wat krap, maar wel leuk ingericht met hoge heggen voor wat schaduw en privacy. En ernaast is ook nog een groot skatepark. 

Thomas kookt een lekkere pan macaroni en dan kunnen we een beetje bijkomen van deze dag. Hopelijk was dit alle pech die we krijgen in deze vakantie en gaat het vanaf nu beter. 

Maandagochtend worden we in elk geval wakker onder een strakblauwe hemel. Na het ontbijt repareren we eerst de lade. De rails en geleiders zijn erg verbogen, maar het lukt om ze terug te krijgen in model en alles weer te monteren. Het loopt wat stroef, maar hij doet het weer en lijkt goed stevig te zitten. 









Daarna gaan we eindelijk naar het strand. Het is ongeveer 20 minuten lopen. Onderweg komen we langs een grote supermarkt waar we broodjes en drinken halen voor op het strand. Er is ook een leuke ‘strip’ zoals de jongens het noemen, met toeristenwinkeltjes en restaurantjes. En dan de zee! 

Wit strand, blauw water en strakblauwe lucht, eindelijk! 

Het is wel heel woest hier. Je mag maar op een klein gedeelte zwemmen, dat zwaar bewaakt wordt door de reddingsbrigade. Het is ook echt net een wasmachine, enorme golven van alle kanten, sterke stroming. Dat zorgt tegelijk voor heel veel plezier. Het is geweldig om opgetild te worden door die die golven, er doorheen te duiken meegesleurd te worden naar het strand. Jonathan en ik houden elkaar vast, de grote jongens gaan nog wat dieper. De reddingsbrigade heeft het er maar druk mee, constant moeten mensen teruggefloten worden omdat ze buiten de zwemzone komen of te diep gaan. 

Waar je niet mag zwemmen mag je wel met je skimboard glijden, dus Jonathan vermaakt zich daar ook prima mee. 

De vloed komt aan het eind van de middag snel op en we moeten zelfs nog verkassen naar achteren. Het is nu ook heel druk hier, omdat het strand zoveel kleiner is geworden. 

Laat in de middag lopen we terug naar de camper, waar we allemaal even lekker gaan douchen en de handdoeken uithangen. Daarna wandelen we weer terug naar het dorp om uit eten te gaan. Uiteindelijk belanden we aan het strand in een leuk restaurant op een terrasje. We eten er mosselen met frites en paella, echt vakantie eten. Om half tien zien we de zon in de zee zakken. 


Pas laat lopen weer terug, halen nog een ijsje en kijken naar een optreden van een dansgroep op een groot plein. Eenmaal thuis zijn we allemaal wel gaar, het is al laat en we hebben zoveel gelopen in de warmte vandaag. 

Dinsdag besluiten we nog een dagje langer te blijven. Het is een herhaling, weer naar het strand, zwemmen, ijsje eten….

Wel nog een spannend moment als de zee en een groot deel van het strand worden ontruimd, omdat er wat zwemmers in de problemen zijn geraakt en een helikopter wordt ingezet. We zien een paar mensen eigenlijk niet eens zo ver weg drijven, maar blijkbaar kunnen zij door de enorme stroming niet meer terug. Pal voor ons worden ze met een helikopter gered en terug gebracht naar het strand. Omdat wij David en Thomas al een tijdje niet meer gezien hebben, vrezen we even dat zij nu te ver zijn gegaan, maar gelukkig komen ze naderhand op hun gemakje terug slenteren. Uiteraard stonden ze er bovenop toen de helikopter landde op het strand. 

Omdat het al laat is, de vloed weer gevaarlijk dichtbij komt en het strand zo vol is als een Jan van Haasteren puzzel, lopen we weer terug naar huis. Onderweg halen we ingrediënten voor een bbq.

Bij de camper is het nog goed heet , want we staan in de volle zon. We kunnen allemaal weer douchen, maar de vuilwatertank zit inmiddels wel vol, oeps. Met een emmer legen we deze enigszins, omdat het zo'n gedoe zou zijn om naar de loosput te rijden met de camper. 

Het blijft nog lang warm, heerlijk is dat op vakantie. ‘s Nachts koelt het gelukkig wel af dus we kunnen goed slapen. Woensdagsochtend is het best even werk om op te ruimen voor vertrek. Hoe langer je ergens staat hoe meer rommel er ontstaat. We lozen en tanken nog even bij de ingang en dan rijden we door naar Biarritz. Dat is niet zo’n campervriendelijke stad, dus we parkeren aan de rondweg bij een groot winkelcentrum en nemen daar de bus naar het centrum. 

Wat een mooie stad! Prachtige gebouwen, mooie stranden en idyllische baaien….  We halen er lekkere broodjes en eten die op het strandje van de Vieux Port op. Daarna lopen we nog iets verder voor een prachtig uitzicht op de kustlijn en de vele golfsurfers. 







Ik zou hier best nog eens wat langer naar terug willen, het is echt erg mooi hier. Wel heel wisselvallig qua weer, binnen een half uur gaat het van stralend zonnig naar zwaar bewolkt en mistig en terug naar zonnig. 

Eenmaal terug bij de camper doen we nog boodschappen in een gigantische Carrefour, terwijl de jongens een nieuwe binnenband regelen voor Davids fiets en daarna nog even gaan shoppen. 


Pas tegen vijf uur rijden we weer verder naar San Sebastián waar ik veiligheidshalve onderweg een plekje op camping Wecamp heb gereserveerd. In de stad schijnen campers regelmatig opengebroken te worden en daar voel ik weinig voor. 

Het is een lastige route, die we alleen dankzij Google maps kunnen vinden. We hebben gelukkig een ruime plek op de camperplek buiten de camping zelf. Er zijn kleine plekjes waar net een busje op past, maar ook iets grotere waar wij genoeg ruimte op hebben. 

We koken zelf en Jonathan speelt nog een tijd samen met een aantal andere Nederlandse, Zwitserse en Spaanse kinderen. Het is hier helaas wel erg bewolkt en niet zo heel warm. Volgens Weeronline zou het stralend mooi weer moeten zijn, dus dat is vreemd. 


En dat blijft zo. Op donderdagochtend draaien we snel een paar wasjes voordat we de bus naar San Sebastián nemen. Die stopt net buiten de camping en kost 1.85 per enkele reis. Ideaal. 

We stappen uit bij het Ondarreta strand. Vanaf daar lopen we de hele boulevard uit langs het La Conchastrand tot we bij het centrum komen. Het is echt een eind maar wel erg mooi. 

We hebben de pech dat het vandaag een feestdag in deze regio blijkt te zijn ter ere van Jacobus. Vrijwel alle winkels zijn dicht, maar we zien wel een open lucht jongerendienst bij de Goede Herder Kerk. We slenteren dus maar wat door de stad, die op zich zo ook al de moeite waard is door alle prachtige gebouwen. Wat een grandeur!


De jongens zijn het wel vrij snel zat. Ik had bedacht dat we dan nog naar het strand zouden kunnen, maar daar is het niet echt weer voor. Het is wel lekker, maar zwaar bewolkt en niet zo heet dat een frisse duik in zee echt nodig is. Maar ik wil wel per se pintxos eten. 

Uiteindelijk komen we in een supermooi straatje waar het ene na het andere barretje zit. Het is hier vreselijk druk en we vragen ons af hoe we dat moeten gaan aanpakken. Het is blijkbaar de bedoeling dat je je pintxos uitzoekt bij de bar en dan aan een tafeltje staand op eet. Met met geluk dan wijsheid vinden we een leeg tafeltje binnen in een van de tentjes. Het is nog best wel een gedoe om ook wat te eten te bemachtigen in de mensenmassa. Maar het lukt. Het zijn kleine kunstwerkjes en ze smaken heerlijk. Aan de jongens is het niet echt besteed, die hebben liever gewoon een groot bord vol voor zichzelf en zijn ook niet zo dol op alle kaas die in de hapjes verwerkt zit. Maar goed, we hebben pintxos gegeten…

Daarna lopen we naar het eindpunt van bus 16 om terug te gaan naar de camping. Ze willen liever nog even naar het zwembad dan naar het strand. Ik had nog wel naar de Mont Igeldo gewild voor het uitkijkpunt en het pretparkje, maar niemand anders heeft daar nog zin in, dus die bewaren we dan maar voor een andere keer.

 

Het is toch al bijna 5 uur als we terug zijn. We halen nog een baguette omdat de pintxos niet echt genoeg waren voor drie hongerige pubers en dan gaan ze nog zwemmen in het ijskoude zwembad.

Vandaag de camping zou je mooi uitzicht moeten kunnen hebben op de omringende heuvels, maar het blijft maar zo zwaar bewolkt, terwijl Weeronline blijft jubelen over stralende zon en golden hour. Niks van te merken. Dit type weer is vrij standaard hier, maar ik word er persoonlijk altijd een tikje chagrijnig van. Ik hoef geen 30 graden, maar een beetje zon is wel het minste wat ik graag zie op vakantie. Wat mij betreft is het dus wel klaar met de Baskische kust, maar de mannen willen ook nog wel naar Bilbao, dus voorlopig zitten we nog wel in de wolken  

‘s Avonds gaan we uit eten in een klein restaurantje een paar honderd meter van de camping. Daar krijgen de mannen dan toch de grote stukken vlees waar ze de voorkeur aan geven. 

Op vrijdagochtend is het nog steeds zwaar bewolkt maar droog. Via een smal weggetje rijden we verder langs de camping in de richting van Zarautz. Volgens mij is het op een gegeven moment zelfs verboden voor campers, maar we rijden toch maar door en het gaat gelukkig goed, hoewel het erg smal en steil is.

 

In Zarautz proberen we een plekje op camping Taliamendi te krijgen, maar dat lukt niet. We doen even boodschappen in een bizar grote en overvolle supermarkt en besluiten dan toch maar verder te rijden via de kustweg. Het is een erg mooie route langs de zee, jammer dat het nog steeds zo somber weer is. In Zumaia bekijken we van een afstandje wat van het specifieke Flysch-gesteente dat in deze regio voorkomt. 

 

We staan in dubio. Eigenlijk willen we nog naar Bilbao, maar het is erg moeilijk om een plekje te vinden waar we kunnen overnachten en dan met de bus of trein naar de stad kunnen. De campings die we bellen zitten vol. We durven de camper niet op een parkeerplaats in de stad achter te laten, omdat we veel gelezen hebben over opengebroken campers. Niet dat we veel van waarde aan boord hebben, maar je zit niet op zulk gedoe te wachten.

Bovendien blijft het weer hier twijfelachtig. Dat hoort wel bij de regio, maar na het natte sombere voorjaar in Nederland willen we nu in de vakantie wel graag een beetje zon. 

We besluiten om het binnenland in te gaan, richting Vitoria Gasteiz. 

Na een flink stuk rijden door de bergen breekt dan inderdaad eindelijk de zon door. Ik vind een camperplek bij een meer vlakbij de stad. Gelukkig is er nog een plekje vrij en het meer blijkt heerlijk te zijn. Eindelijk in de zon, lekker zwemmen en relaxen, hèhè.

De cp loopt ‘s avonds goed vol en we staan behoorlijk hutje mutje. En nog worden we scheef aangekeken door de rest, doordat wij door de manier van parkeren van met name onze buurman per ongeluk wat meer ruimte tussen ons en de buren hebben dan de rest. De meesten kunnen amper hun deur goed opendoen, terwijl wij net met z’n vijven buiten kunnen zitten. Niet dat er nog iemand tussen gepast zou hebben, maar blijkbaar vinden sommigen dat wij toch teveel ruimte in beslag nemen. Dat voelt niet echt prettig. 

De volgende ochtend rijden we verder naar de stad. De jongens hebben een groot winkelcentrum ontdekt en willen shoppen. Wij winkelen er ook even doorheen, maar ik wil ook wel naar de oude stad. Uiteindelijk laten we de oudste kinderen achter in het winkelcentrum en stappen we zelf met de jongste op de fiets naar het centrum.

Dat is zeker de moeite waard. Vitoria heeft een prachtig oud centrum, met mooie kerken, pleinen en schattige straatjes vol met pintxos barretjes. We lunchen dus nog een keer met pintxos, deze keer lekker op een terrasje.









Aan het eind van de middag fietsen we terug en de jongens zijn ook uitgeshopt en het kleedgeld is op. 

We rijden op de bonnefooi naar een camping en uurtje verderop, maar die blijkt vol te zitten. We bellen er nog een paar in de regio die ook allemaal vol zijn. Pffff dat gaat weer lekker. Uiteindelijk rijden we richting een camperplek bij een zwembad, maar ook die staat helemaal vol. Wat nu, we hebben al best veel gereden, het is warm en we zijn het wel zat. Vlakbij de cp ligt nog een camping, camping La Rioja in Cassalareinas. Deze heeft nog welgeteld 1 plekje en die is voor ons! Gelukkig!

We gaan gauw nog even zwemmen en daarna eten we wraps. Het is wel wat lawaaierig op deze camping, veel vaste gasten in allerlei soorten huisjes. Maar er is wel erg mooi sanitair en de plekken zijn goed afgezet met hoge heggen, dus veel privacy.


De volgende dagen blijkt het erg heet te worden. De koelkast werkt niet zo denderend op gas en met die hitte hebben we ook wel iets van een zwembad of zo nodig, dus een camping lijkt verstandig. De jongens willen wel verder, maar ik wil wel zeker weten dat we ergens terecht kunnen. Via internet reserveren we een plekje op camping EL Molino in Mendigorria, ca 30 km voor Pamplona. Achteraf bleek dat niet echt nodig, op deze camping is juist weer plek zat.


 

Het is een mooie camping, twee zwembaden, mooi sanitair, ruim opgezet, met alle voorzieningen. En hoewel er ook een kamp gaande is, is het niet bijzonder lawaaierig of druk.

Het is inderdaad erg warm, dus het zwembad is heel fijn. We hebben zelfs zo’n grote plek dat de jongens twee tentjes op kunnen zetten. 

Ook maandag is een hete dag die we grotendeels doorbrengen in het zwembad of in de schaduw. Aan het eind van de dag trekt het dicht en is het zo drukkend, dat het voelt alsof je bijna geen lucht meer kunt krijgen. Die arme tieners van het kamp moeten in dit weer nog sporten ook, ze snijden met hun tong op hun tenen stukjes van hun hardlooprondjes af over onze plek.

We hebben gereserveerd voor drie nachten, omdat minder niet mogelijk was. De jongens vinden het wel prima, een paar dagen niks doen, maar ik ben het zelf wel zat. Zeker als dinsdag weer een hete dag is, maar dik bewolkt, met om de haverklap flinke regen- en onweersbuien en blijkt dat we niet in het overdekte zwembad mogen, want dat is alleen voor gasten die minstens 5 dagen blijven. Ik stel voor om gewoon te vertrekken, maar de rest vindt het wel lekker om zo’n lui dagje te hebben, dus ik zit een beetje chagrijnig met een boek onder de luifel vliegen te verjagen en check van verveling zelfs maar mijn werkmail. Dan is het wel triest gesteld…

Aan het eind van de dag knapt het weer gelukkig nog op en kunnen we nog een tijdje zwemmen. We eten pizza bij het camping restaurant en daarna gaan wij met z’n tweetjes nog even een drankje doen in de River Bar zonder kinderen. Ook wel eens leuk!











Woensdagochtend staan we al om 7 uur op, want het wordt weer erg heet en we willen naar een woestijn. Om half 8 rijden we de camping af en om 9 uur zijn we in het natuurpark Bardenas Reales. Het is een bijzonder gebied, een soort hoogvlakte, woestijnachtig, met mooie rotsformaties. Het doet denken aan Monument Valley in de VS. Er loopt een onverharde weg van 34 km doorheen, maar omdat dat met de camper echt geen pretje is, rijden wij er maar een klein stukje van. Rechtdoor tot de militaire basis, daarna links en weer links langs de mooiste rotsen en dan weer eruit na in totaal 10 km of zo. We ontbijten vlakbij een van de mooie rotsen en maken veel foto’s. Het is al erg warm en we zijn blij als we weer kunnen rijden. We hebben geen airco aan boord, maar met de ramen open en wat wind is het nog net vol te houden. 














We rijden binnendoor naar Huesca, een wat groter stadje aan de voet van de Pyreneeën. Onderweg tanken we nog spotgoedkoop voor E1,37 en we zien dat het 44 graden is. Niet te doen dit! 

In Huesca doen we boodschappen bij de Lidl en dan strijken we neer op camping San Jorge. Het is een simpele camping maar met ruime plaatsen en veel schaduw en gratis toegang tot het naastgelegen openbare zwembad. De rest van de dag brengen we zoals altijd door in het water en de schaduw. 

Eigenlijk wilden we bbqen, maar het is zo heet dat we er geen puf voor hebben. In plaats daarvan lopen we om 9 uur een stukje het stadje in en eten we bij een tentje dat goede reviews op Google krijgt, Bar Memphis. Het is eigenlijk meer een kroeg, maar er worden heel vriendelijk bediend en eten binnen in de airco in van die leuke treinzitjes. Het eten is inderdaad erg lekker. Uit eten gaan in Spanje is prijstechnisch ook wel prettig. 

Om half 11 als we teruglopen is het nog steeds 34 graden. We zitten nog lang buiten, want binnen is het bijna niet vol te houden. De dekbedden zijn al dagen amper meer gebruikt. 

Donderdagochtend haal ik verse broodjes bij de Mercadona vlakbij. Na het ontbijt zitten we nog een tijdje koffie te drinken. We hoeven niet zo ver vandaag maar gaan wel eindelijk de bergen in. Eerst gaan we nog even langs het plaatselijke winkelcentrum om voor Jonathan nieuwe schoenen te kopen. Die jongen presteert het elk jaar om in de vakantie zijn schoenen kapot te laten gaan. Hij krijgt een paar mooie witte Adidassen, benieuwd hoe lang ze zo wit blijven. 


Daarna rijden we verder en vanuit Huesca rijd je binnen een paar minuten de bergen in. 

Via heel wat tunnels belanden we uiteindelijk in Biesca  op camping Gavin. Het is een erg mooie terrassen camping met veel bomen voor schaduw. Dat is fijn want ook hier is het onverminderd heet. 




Dus we nemen onze toevlucht weer tot het zwembad. Geen straf met het mooie uitzicht hier, maar de bergen en wandelpaden in de regio trekken toch hard aan ons. 

‘s Avonds willen we alsnog bbq-en, maar dat blijkt hier niet te mogen. Dus moeten de hamburgers in een pan in de toch al warme camper gebakken worden. 

Je merkt wel dat we hier al op zijn 900 meter hoogte zitten, want als de zon onder is koelt het een klein beetje af. Net genoeg om niet onpasselijk van de warmte te worden als we naar bed moeten. 

En diep in de nacht worden zelfs de dekbedden alsnog weer tevoorschijn getrokken, heerlijk!

Bij het opstaan is het ook nog lekker. Ik maak van de gelegenheid gebruik om via een wandelpad onder de camping langs naar het dorpje Biescas te lopen. Een uurtje heen en terug in totaal. Lekker om weer even wat beweging te krijgen. De afgelopen week was het echt van maaltijd naar zwembad naar maaltijd naar bed zo ongeveer. 

Weer ontbijten hierdoor vrij laat maar dat geeft niet. Het wordt vanmiddag gek genoeg slecht weer dus het is fijn om zo lang mogelijk op de camping te genieten. 

We rijden even terug naar Sabiñanigo, om voor het laatst flink in te kunnen slaan in Spanje bij de Mercadona. Daarna rijden we verder de bergen in richting Frankrijk. We zien de donkere wolken al voor ons hangen. Dat wordt weer niet bergwandelen vandaag, het zit ons niet mee wat dat betreft. 

De camping die we op het oog hadden in Escarilla zit helaas vol. Daarom rijden we door naar Sallent de Gállego waar een nieuwe camperplek moet zijn die volgens internet nog plek heeft. We vinden daar inderdaad een plekje. Het is wel ingewikkeld, je moet een app downloaden van Pverde en daarop een account aanmaken waarmee je je dan online kunt aanmelden en met je creditcard kunt betalen. Even wat meer gedoe dus, maar we waren hiervoor al gewaarschuwd in de reviews op campercontact. Dus regel ik alles alvast onderweg en als we er aankomen gaat de slagboom zo voor ons open. We nemen een plekje op de bovenste verdieping met mooi uitzicht maar inmiddels is het hard gaan regenen dus we zien er nog niet veel van. Het gaat ook nog keihard hagelen en onweren en het is erg donker. Blij dat we niet op de pas rijden op dit moment. 

 

Uiteindelijk droogt het rond 4 uur weer op en kunnen we buiten zitten. Al snel trekt de lucht weer helemaal open en wordt het zelfs nog weer zonnig en redelijk lekker warm, hoewel niet meer zo heet als eerst gelukkig. De cp loopt inmiddels ook nog bijna vol. 

Om 8 uur lopen we naar het dorpje om te gaan eten. Het is er gezellig druk, veel toeristen en er is ook nog een soort kermis. Het valt alleen niet mee om om deze tijd iets te eten te krijgen. Veel restaurants gaan pas later open, terwijl wij het best wel laat vinden al.

Uiteindelijk komen we terecht bij een pizza restaurant waar we lekker eten. 

Na de regen en vanwege het feit dat we hier toch al op 900 meter hoog zitten, koelt het ‘s avond flink af. Voor het eerst gaan we na het avondeten gelijk naar binnen. Het is dan ook al bijna half 11. David zet nog wel stiekem zijn tentje in een hoekje achter de camper op uit het zicht. Hij zal het wel koud krijgen vannacht.

Zaterdagochtend is het weer prachtig zonnig. Ik haal brood in het dorp en een zak ijs voor de koeltas. We kunnen lekker rustig ontbijten achter onze camper in David's hoekje.

 Na het ontbijt rijden we naar de parkeerplaats bij het zwembad achterin het dorp. Daar begint een wandeling met een waterval die erg mooi moet zijn. Dat is het ook. Het is geen hele lange route maar wel flink klimmen, maar het uitzicht is het waard.





Bij terugkomst is de weg geblokkeerd door een fanfare, dus we lopen nog even het dorpje in. 

Daar is een kermis maar helaas is die nog niet open nu. Als we terugkomen bij de camper loopt de fanfare net weg, maar we zitten er nog een hele tijd achter en kunnen er niet langs, dus dat duurt wel even.

Daarna rijden we de pas col du Portalet over. De weg is breed, niet erg steil en heel goed te doen. 

Hij is ook niet zo heel hoog, nog geen 1800 meter, maar wel echt bergachtig. Onderweg komen er nog een keer in een optocht, deze keer van schapen. 

Aan de Franse kant hebben we afgesproken met opa en oma die heel toevallig in de buurt waren met hun camper. Ze houden al een mooi plekje bezet aan het meer van Fabreges. Heel leuk, campers mogen hier staan langs de hele oostkant van het meer. Het is echt een mooie locatie, zeker met dit weer. We bouwen een ‘ Belgische burcht’, zoals mijn vader het noemt, door de campers in een L-vorm te zetten. Omdat we in een hoekje van het terrein staan hebben we hier lekker wat privacy door en heeft niemand last van ons. 

Het is heel gezellig. We kletsen bij, de jongens gaan vissen en met stenen spelen bij het meer en aan het eind van de middag steken we de bbq aan. Hoewel het de hele tijd prachtig zonnig was, drijft er vanaf 4 uur een dikke mist de vallei binnen tot we zelfs de overkant van het meer niet meer kunnen zien en we nat worden van de druppeltjes. Wat gek! En koud ook, dus we halen voor het eerst de lange broeken en truien weer tevoorschijn. 

Zondagochtend schijnt de zon weer. We ontbijten nog samen en daarna trekken opa en oma door naar Spanje. Wij blijven nog even, want we willen nog naar het Lac d’Artouste, wat je hiervandaan met een treintje en kabelbaan kunt bezoeken. Beetje duur, maar wel een belevenis.

We verkassen ook nog, naar een plekje met wat meer uitzicht en een paadje naar het meer toe. Echt genieten dit!

 

Rond de middag lopen we naar de kabelbaan. Daar blijken nog allerlei winkeltjes te zijn zodat we nog wat extra brood kunnen kopen en een zonnehoed, want de grote sinaasappel doet behoorlijk haar best vandaag. 


We nemen de kabelbaan alvast naar boven en genieten daar van het uitzicht en onze meegebrachte lunch. Daarna is het tijd voor het treintje. Wat een massatoerisme hier. Er staan twee treintjes klaar voor vertrek om 2 uur. De rit gaat naar een stuwmeer en moet 50 minuten duren. 





Eerst gaan we een stukje door een tunnel om aan de andere kant van de bergrug uit te komen.


Daarna loopt het spoor langs de bergrug min of meer op een hoogte tot helemaal achter in het dal bij het stuwmeer. Je hebt dan ongeveer 1.20 uur  de tijd om daar rond te kijken en dan moet je weer in het treintje terug. Vandaag loopt de planning nogal uit, want er is een trein kapot. Wij staan onderweg ruim een half uur op een wisselspoor te wachten tot de kapotte trein weggesleept is, want het is maar een enkel spoor en de treinen kunnen elkaar maar op een paar plekken passeren. Het is ontzettend warm, maar het uitzicht is mooi. 


De rest van de rit gaat vlot. Als we aankomen lezen we dat alle treinen nu een half uur vertraagd zijn, dus we hebben nog steeds wel genoeg tijd. Nou ja, eigenlijk niet. Het is nog een kwartiertje klimmen naar het stuwmeer en daar is het zo mooi dat we wel meer tijd hadden willen hebben. 

Het is ook ongelofelijk warm en uiteindelijk nemen we een duik in het verlokkende kraakheldere en ijskoude water. We zijn niet de enigen, maar het is wel ontzettend koud. We hadden geen zwemspullen bij ons en maar twee handdoekjes, dus het is allemaal wat primitief. Ik hou mijn tshirt aan, dat droogt toch wel weer snel naderhand.

 

Na de duik moeten we alweer gauw afdrogen en terug klauteren. Doordat ik mijn enkel verzwik, missen we onze trein, maar gelukkig is het geen al te groot probleem en kunnen we met de volgende mee. Het is toch al chaos met die vertraagde treinen.

We zijn pas rond half 8 terug bij de camper. We hebben buren gekregen die hun camper veel te dichtbij en ook nog eens met de deur aan onze kant geparkeerd hebben. En zij zitten heel handig tussen de campers in zodat wij niet meer naast onze eigen camper kunnen zitten. Aan de voorkant is het te schuin om te kunnen zitten. Omdat we zelf ook nog erg schuin staan, ondanks de keggen, kijken we of er nog een andere plek kunnen vinden. Een stukje verderop is nog wat ruimte, op een rechtere plek en daar is het uitzicht ook nog mooier. Dus opnieuw verhuizen we. 

We grillen de restjes van de bbq van gisteren op. Het is een stuk lekkerder nu, zonder de mist. Uiteindelijk koelt het alsnog wel hard af, want we zijn nu eenmaal erg hoog hier. En we zien duizenden sterren in de heldere donkere nacht, want hier is helemaal geen verlichting. Dit zijn de leukste plekjes in een vakantie!

Maandagochtend is het tijd voor het noodontbijt. Als we ergens te lang zijn blijven hangen en geen eten meer hebben, ontbijten we met pannenkoeken. We hebben altijd twee flessen kant en klare schudmix en een pak houdbare melk aan boord voor deze momenten. Alleen jammer dat het resultaat van een uur geduldig bakken op een klein pitje binnen 10 minuten helemaal op is. 

Na het ontbijten, nog wat vissen en een heleboel extra kopjes koffie verlaten we dit leuke plekje weer.

We slingeren de berg af naar Laruns, waar we boodschappen doen en de was. Er zijn ergere plekken om te wachten tot je was klaar is.


 Daarna rijden we een stukje de Col d’Aubisque op tot la Gourette. Dat is goed te doen met de camper. Voor de rest van de pas geldt een schema voor campers. 's Ochtends mogen ze de ene kant op en 's middags de andere kant. Maar dat gaat pas verderop in en tot La Gourette hoef je er geen rekening mee te houden. 

Hier nemen we een gondel en maken we nog een keer een korte wandeling. Daniël heeft weer eens last van de steeds terugkerende ontsteking in zijn voet, dus hij zoekt een lekker plekje in de schaduw met zijn boek terwijl de jongens en ik een rondje van een paar kilometer gaan wandelen. 

Niet zo heel ver, want het is ook al vrij laat, maar gewoon nog even genieten van het uitzicht en de bergen. De jongens duikelen een speelkameraadje op die stokken voor ze ophaalt en onze waterfles leegdrinkt. 

Naderhand drinken we nog even wat en dan hebben we letterlijk de allerlaatste gondel weer omlaag. Na ons wordt hij gelijk stilgezet, pfff, gelukkig konden we nog mee.

Vervolgens slingeren we weer terug omlaag en zoeken een camping in Laruns. De camping van onze voorkeur, les Gaves naast de pumptrack zit helaas vol of ze willen gewoon niet een gast voor 1 nacht (daar lijkt het meer op). Bij de buren krijgen we het laatste vrije plekje, eigenlijk niet echt een plek, maar we nemen er maar genoegen mee. We worden erg vriendelijk ontvangen, dat helpt al heel wat. De jongens kunnen nog even naar de pumptrack en we nemen een heerlijke douche, erg fijn na een paar dagen vrij staan. 

Na dit alles wandelen weer naar het dorpje, een stukje lopen van ongeveer 20 minuten met Daniel op de step. Het valt niet mee want alle restaurants zitten stampvol, dus uiteindelijk krijgen we pas tegen 10 uur wat te eten, maar het smaakt prima. In het donker en onder een dikke mist die inmiddels is neergedaald wandelen we terug, het is nog steeds warm ondanks de mist. 



De volgende ochtend hangt die mist er nog steeds, maar het is ook nog steeds niet koud. Er komt een bakkersbusje op de camping en na het ontbijt tuffen we de Pyreneeën uit. Dat gaat heel snel, voor we het weten zien we alleen nog maar wat licht glooiende heuvels om ons heen.

Via een vlotte rit over tolwegen rijden we richting Bordeaux. We hadden een nieuwe cp op het oog aan een meertje, het Lac de Podensac, maar dit blijkt nep te zijn. Het terrein is afgesloten met een hangslot, het telefoonnummer wordt niet opgenomen, niks aan te doen. De campings in de buurt die we bellen zitten vol.

En zo belanden we op een cp bij een wijngoed: Chateau du Payre. We staan op een mooie plek naast de wijngaard samen met een stel Zweden. De jongens gaan een rondje fietsen door de omgeving.

Aan het eind van de middag krijgen we een rondleiding en een proeverij. Ik fungeer met mijn halfbakken Franse kennis als tolk voor Daniel  en de Zweden. In het land der blinden is eenoog koning, zullen we maar zeggen.  Natuurlijk is het de bedoeling dat je dan wat koopt, maar dat is zeker geen straf. We krijgen nog een aangebroken fles mee om samen met onze buren op te drinken. 

Dat is het begin van een hele gezellige avond. We zitten tot diep in de nacht te kletsen, deze mensen zouden zo hele goede vrienden van ons kunnen worden, zo’n klik hebben we met elkaar. Jammer dat ze in Stockholm wonen, maar de uitnodiging over en weer staat in elk geval. 

Woensdagochtend staan we voor ons doen vroeg op. Omdat we alweer geen ontbijt hebben, rijden we op de nuchtere maag (voor zover nuchter na de wijn doordrenkte avond ervoor) door naar Bordeaux voor een korte citytrip. Toevallig zijn wij vandaag ook nog 10.000 dagen samen, waarvan akte.

We willen parkeren bij de P&R in Floirac Davremont. Helaas heeft deze een hoogtebalk. Daarom parkeren we bij het winkelcentrum aan de overkant van de straat. 

Met de tram die elk kwartier vertrekt zijn we binnen een half uur in de stad. Inmiddels is de tijd voor het ontbijt wel voorbij en tot onze ergernis eindigen we met die hongerige pubers nota bene bij de Mac! Wat een narigheid… maar zij zijn er blij mee.

We geven de grote jongens de vrijheid en zelf gaan we met Jonathan een beetje sightseeing doen. Daniels voet wil nog niet erg, dus het gaat langzaam en we zien dus niet zoveel. Maar genoeg om te kunnen constateren dat Bordeaux een prachtige oude binnenstad heeft. En dat ze er hele lekkere Canelés de Bordeaux verkopen.










We lunchen ergens nog lekker bij een restaurantje op een pleintje en dan is het alweer tijd om verder te gaan. De jongens komen mooi op tijd op het afgesproken punt en dan nemen we de tram weer terug. Ideaal zo met het ov. 

Ik doe nog even boodschappen met de jongens terwijl Daniel even een powernap doet, zodat we zo nog een stuk verder huiswaarts kunnen rijden. 

Na een vlotte rit strijken we om zes uur neer op camping Le Rejallant bij Ruffec. Hier zijn we in 2016 ook geweest met de camper die we toen gehuurd hadden. We hebben er leuke herinneringen aan en het ligt precies op de route. We krijgen een grote plek en er is nog tijd om even lekker te zwemmen en daarna heerlijk warm te douchen. Het eten is simpel want we hebben tenslotte al warm gegeten tussen de middag. Lekker even relaxen zo. 

Donderdagochtend wandel ik nog even naar het recreatiegebiedje onderaan de heuvel waar een paar watervalletjes zijn, speel- en zwemplekken en een kanoverhuur. Vorige keer zijn we hier ook wat langer blijven plakken en als we tijd hadden, zouden we dat nu zeker wel weer willen. 

 Na het ontbijt zijn we om 10 uur klaar om te gaan, want zo vroeg moet je hier wel al ophoepelen. We hebben een lange rit voor de boeg dus dat komt ook wel goed uit.

Het rijdt weer lekker door, Poitiers, Tours, Le Mans. En dan moeten we echt even tanken dus we gaan even van de snelweg af en belanden bij een groot winkelcentrum. Dat wordt dus weer even shoppen ook en toch weer flink boodschappen doen. Er is veel afgeprijsd vlees dus we besluiten om te gaan bbqen. Met allemaal ook weer een lekker broodje en een bak verse druiven er bij rijden we daarna weer verder.

Het einddoel is een camperplek in Saint Évroult de notre Dame du Bois. Een schot in de roos voor maar 12 euro. Het is een voormalige camping met grote plaatsen en uitzicht op een recreatiemeertje. Je kan er niet zwemmen maar wel vissen, varen, er is een speeltuin, een veld met springkussens, en tot Jonathans grote plezier een boomklimparcours met grote netten en een enorme Tyrolienne over het meer heen en weer. 

Superleuk dus. Jonathan gaat klimmen en ziplinen (combiticket voor 14 euro) en David en Thomas gaan vissen. 










‘s Avonds steken we de bbq aan en daarna maken we in de vuurschaal een klein kampvuurtje. Het terrein is zo goed als leeg, naast ons staan er maar twee anderen. De pyromanen zoeken takjes  en zo zitten we ‘s avonds gezellig om een vuurtje. Als het donker is zien we duizenden sterren want het is een mooie heldere nacht. We zien er ook diverse vallen. Wat een heerlijke plek is dit! 

Vrijdagochtend begint zwaar bewolkt. De mannen slapen uit, want met al die sterrenkijkerij was het ver na middernacht geworden. Ik ben gewoon vroeg wakker dus na een tijdje sta ik toch maar vast op en ga een tijdje wandelen, te beginnen met een rondje om het meer.  Het dorpje heeft mooie ruïnes van een abdij uit de 11e eeuw waar je zomaar in mag. Er staan zelfs diverse informatieborden, wat erg interessant is. 

Op de terugweg haal ik in het dorp een paar dikke stokbroden voor het ontbijt. Daarna is iedereen nog steeds in diepe slaap, dus ik begin maar met het ontbijt maken, want langzamerhand zullen ze toch wakker moeten worden. 

Na een stevig ontbijt vertrekken we voor weer een lange etappe. Via Rouen en Amiens rijden we richting Arras. Weer tolwegen, maar die Franse autobanen zijn echt geweldig. Nergens file, goed onderhouden, het rijdt heerlijk door zo, ondanks een paar flinke buien onderweg. En wij beschouwen de tol maar gewoon als kosten van de totale vakantie. Het gemak en comfort van lange stukken relatief snel en zonder teveel hobbels en bochten afleggen, weeg wel op tegen de extra kosten wat ons betreft.

We strijken neer op camping La Paille Haute, een doorreiscamping iets ten oosten van Arras. Vaak zijn doorreiscampings niet zo denderend, maar deze is erg leuk. Mooi gelegen op een heuvel met wijds uitzicht, we worden vriendelijk ontvangen, er is een fijn buitenzwembad en een visvijver. Bovendien is er een restaurantje waar je verrassend lekker kunt eten. 



Het is nog prachtig weer geworden dus we genieten echt nog even van deze laatste middag. Morgen nog even wat laatste boodschappen voor thuis en dan zit het erop…

We vertrekken niet zo heel vroeg, om eerlijk te zijn zijn we de laatsten die het doorreisveld verlaten, omdat we de camper alvast schoonmaken. Dat gaat hier makkelijker dan op de schuine parkeerplek voor ons huis. 

Het boodschappen doen valt ook nog niet mee. Bij winkelcentrum Aushopping Faches bij Lille, waar we heen wilden, blijkt werkelijk alles afgezet te zijn met hoogtebalken. Zo camperonvriendelijk (of misschien eerder vrachtauto-onvriendelijk) hebben we het nog niet eerder meegemaakt. Zelfs de Burger King zou onbereikbaar zijn geweest.

David googlet snel dat er een stukje verderop, nog net in Frankrijk nog een Aushopping zit en daar kunnen we gelukkig wel parkeren. Hoewel die Franse mega-supermarkten indrukwekkend zijn, zijn ze ook een aanslag op je zenuwen. Zo groot, zo uitgestrekt en er is zoveel te koop dat we ons er elke keer weer een beetje verloren in voelen. We kunnen in elk geval nog even flink wat wijn inslaan. En de puberhandelaartjes zien commercie in het kopen van blikjes frisdrank. Die zijn hier zonder statiegeld, maar er staat een Nederlands statiegeldtekentje op, dus ze hopen ze dan in Nederland weer te kunnen inleveren en zo 15 cent per blikje terug te verdienen. 

Met nog wat meer overgewicht dan eerst (de camper dan hè), keren we dus terug naar huis. De navigatie leidt ons langs de westkant van Antwerpen door de toltunnel om de files te ontlopen en dat lukt goed. Om klokslag 5 uur parkeren we de auto voor de deur van ons eigen huis. Het zit er weer op voor een jaartje. Of voor een paar dagen, want eind volgende week gaan we nog een weekendje met z'n tweeën erop uit. 




Reacties

Populaire posts van deze blog

Route des Grandes Alpes

  Op donderdag 5 augustus is het eerst tijd voor hard werk: huis helemaal schoon achterlaten i.v.m. logees in onze vakantie, laatste werk afronden, camper inpakken. Aan het eind van de middag zijn we klaar voor vertrek en is het zover: tijd voor ons rondje Route des Grandes Alpes in Frankrijk. We zijn bepaald geen Frankofielen, dus we hopen er maar het beste van. De keus is dit jaar op Frankrijk gevallen, omdat Duitsland op het moment van ons vertrek ontzettend moeilijk doet over coronatesten bij kinderen die geen coronapaspoort hebben. En dat geldt voor onze jongste. Het geluks-/pechvogeltje is de enige bij ons thuis die nog geen corona gehad heeft, en heeft in de tijd dat het in ons gezin heerste zoveel teststokjes in zijn neus gehad, dat hij vanaf toen categorisch weigert om zich ooit nog te laten testen. Een kind met ruggengraat dus! En omdat wij hem groot gelijk geven, moeten we onze vakantie daar een beetje omheen plooien. Geen coronatesten dus om ergens naar toe te mogen. ...

Zomer in Zweden

Zoals altijd ondergaan onze reisplannen op het allerlaatste moment een radicale wijziging. In plaats van naar Polen, Slowakije en het Tatragebergte, de enige plek in Europa waar het deze zomer al steady wekenlang regent, vertrekken we op een bloedhete vrijdagmiddag richting Zweden. Al jaren willen we deze kant op, maar steeds werden we tegengehouden door slecht weer of gebroken benen. Nu grijpen we onze kans. Het is er mooi weer, het ligt op de route aangezien we onze kinderen in Drenthe moeten ophalen en we gaan ervoor! Na een warme rit pikken we de jongens op in Hollandscheveld en dan rijden we door naar camping  Wilsumer Berge , net over de grens in Duitsland. Het is een gigantisch park, waar iemand met een auto ons onze plek wijst. Eigenlijk houden we hier niet zo van, maar vooruit, voor een nachtje overleven we het vast wel. Na de afgelopen droge weken is het gras hier kurkdroog, de hemel diepblauw en tussen de bossen en heuvels lijkt het alsof we al heel ver weg zijn. ...

Zomervakantie 2023: Frankrijk, Zwitserland en Italië, dwars door de bergen

Le Roptai, Ardennen Een paar uur later dan gehoopt vertrekken weer thuis, met achterlating van een brandschoon gepoetst huis, richting ???? Om vrijwel direct aan te sluiten in de file naar het zuiden. Anderhalf uur later zijn we nog niet eens bij Dordrecht…. Het staat gewoon stil, echt stil…. Gelukkig rijden we daarna alsnog redelijk door. Uren later strijken we neer op camping Le Roptai in Ave-et-Auffe in de Ardennen. Toevallig staat er ook een klasgenootje van Jonathan op ons veld! We eten patat en hamburgers bij de camping snackbar. Het is een beetje oude boel , maar je ziet duidelijk dat ze het aan het opknappen zijn, nieuwe speeltuin en de kampeervelden en sanitair zijn dik in orde. Vooral veld D geeft mooi uitzicht, maar wij staan op E. Van Metz tot Moezel We ontbijten met wat spetters regen en zijn dan snel weer op weg. Het is gelukkig nog niet erg druk. Met brandend brandstoflampje bereikten we het eerste tankstation in Luxemburg, maar de wachttijden zijn zo lang, dat we no...